top of page

Blok 1

61bNkZB45NL._AC_SX466_.jpg
ZTMA-1500x1000.gif
fad83b229d4c0666e3f7d45035af5404--monsters-inc-university-disney-cartoons.jpg
image.png
Totempaal (maximaal 25 cm)
image.png
image.png
image.png
image.png
Totempaal
Zaag 20 cm van een balkje hout of
uit schuim en neem je schets over. 
Doe dit op alle zijde van de balk   
          
ALs je vleugels of andere details wil aanbrengen dan zet je deze er later aan.

EXPERIMENT

 

Doel: het doel van deze opdracht is het verkennen van verschillende materialen uit de verfkast en onderzoeken welke mogelijkheden deze materialen hebben. Door middel van experimenteren leer je ontdekkend en vrij om te gaan met diverse materialen. Je creëert verschillende experimenten, zoekt naar bijzondere vormen en kleuren en maakt vervolgens een presentatieblad met zes mooiste uitkomsten van de gedane oefeningen. 

 

Klaarzetten:  

​​

  • A4 papier, voor elke leerling 6 vellen. Evt. aquarelpapier 

  • Drie kleuren ecolinepotjes met pipet per tafel 

  • Voor elke leerling een papieren rietje 

  • Een vel papier met drie kleuren verf per tafel                 GEEN ZWART OF WIT GEBRUIKEN!! 

  • Een doos pastel krijt per tafel                                              dat zijn tonen, geen kleuren 

  • Een doos oliekrijt per tafel 

  • Een doosje aquarelverf per leerling 

  • Penseel en kwastje per leerling 

  • Verfbord per leerling 

  • Attributen als wattenstaafjes, oude tandenborstels, propjes papier, moeren en schroeven enz. 


​

Experiment

Experiment 1:  

Laat de ecoline op papier druppelen via de pipet. Let op dat er verschillende manieren zijn om met het rietje te blazen: recht op de ecoline of schuin vanuit een lage hoek. Niet teveel ecoline op het blad druppelen. Blaas de kleuren door elkaar, probeer heel fijne lijntjes te krijgen. Welke vormen ontstaan er? Welke kleuren ontstaan er? 

Schermafbeelding 2023-09-13 054533.png
VERGEET NIET JE NAAM OP JE WERK TE ZETTEN
Schermafbeelding 2023-09-13 054427.png
VERGEET NIET JE NAAM OP JE WERK TE ZETTEN

Experiment 2: 

Breng acrylverf onverdund op papier aan met allerhande voorwerpen. Je mag daarbij vrije bewegingen maken. Stempeltechnieken, herhaling of dik en dun afwisselen. Probeer hierbij  textuur aan te brengen. Let op dat je niet doordraafd en alle kleuren door elkaar smeert. Je gaat onderzoekend werken aan kleur, vorm en textuur waarbij je de verf dik mag aanbrengen. 

Experiment 3:   

Nat in nat werken met aquarelverf. Maak met een doekje of sponsje je vel natmaken. Let op dat het niet drijfnat is. Daarna ga je met drie kleuren verf streken maken op het vel. Daarnaast mag je ook nog wat extra vocht op het papier aanbrengen. De verf vloeit in elkaar over en mengt zich op bijzondere wijze. Met een penseel of kwast kun je lijnen trekken in het mengsel. Tip: gebruik voor dit experiment een vel aquarelpapier. Resultaten zijn soms verbluffend. 

Experiment 4:  

Pastelkrijt mengen met de vinger of doezelaar. Dit gaat erg makkelijk omdat het krijt uit poeder bestaat. Gebruik het krijt wisselend plat liggend  of trek lijnen. Let op dat je geen tekening  maakt, de vormen of vlakken moeten spontaan ontstaan. Je kunt de kleuren over elkaar heen leggen of naast elkaar leggen. Ook weer drie kleuren gebruiken. Bij meer kleuren wordt het mengsel vaak vuil of grijzig. Wat mengt beter, lijnen of vlakken? 

VERGEET NIET JE NAAM OP JE WERK TE ZETTEN
VERGEET NIET JE NAAM OP JE WERK TE ZETTEN

Experiment 5:  

Oliekrijt is een heel ander medium dan pastel. Het geeft het beste resultaat als je het dik aanbrengt en de randen van je kleuren laat overlappen. Mengen doe je d.m.v. de punt van een doek in kringen over de kleur bewegen. Ook kan je de punt van de doek in oplosmiddeldopen om prachtige effecten te krijgen. Gebruik drie kleuren die op elkaar zijn afgestemd of juist tegengestelde kleuren! 

VERGEET NIET JE NAAM OP JE WERK TE ZETTEN
VERGEET NIET JE NAAM OP JE WERK TE ZETTEN

Experiment 6: 

Bij dit experiment gebruik je enkel je vingers als gereedschap. Vingerverven alleen voor kleuters? Echt niet! Doe drie kleuren verf een beetje uit elkaar op je blad. Ga eerst met één vinger door de verf. Maak verschillende bewegingen, cirkels, patronen enz. Let op! Smeer niet alles door elkaar en gebruik alleen je vingers, niet je hele hand! 

Afronden: als alles goed droog is schuif je met een uitgesneden sjabloon van 10x10 cm over je experimenten. Selecteer de mooiste stukken en knip of snijd deze voorzichtig uit. Plak die netjes op een mooi vel papier. 

Moster papier maché (maximaal 20 cm bij 20 cm)
Monster papier maché
image.png
image.png

Opdracht 1 - tekening

​

1.1 Bedenk hoe jouw monster eruitziet. Wat maakt het uniek? Heeft het iets bijzonders bij zich of speciale krachten? WEES ORIGINEEL.

​

1.2 Maak een tekening van je monster vanuit alle vier de zijden. Gebruik kleuren en zorg ervoor dat alles netjes is ingekleurd. Let op de details en zorg dat de tekening verzorgd is, want je krijgt hier een punt voor.

​

Bekijk hieronder verschillende vormen ter inspiratie.

​

​

​

​

​

​

​

​

​

​

​

​

​

​

​

​

OPDRACHT 2​

​

2.1 Maak eerst de vorm met kranten, schilder tape (NIET TE VEEL).​

​

​​​​​​​​​​​​​​​​​2.2 Zorg voor de juiste vorm en zet de eerste laag papier maché op.

 

2.3 Nu ga je het monstertje verder bekleden met een aantal laagjes papier-maché

​

​2.4 Ga nu verder met de details, je doet dat met papier maché of met de poedervorm/pasta waarmee je nog gedetailleerder kan werken.

​

2.5 Laat het monster drogen en verf het monstertje, denk aan de details.

​

​

image.png
bottom of page